| |
|
| |
|
|
| |
Nieuwe regelingen
3.1 VOORLOPIGE VOORZIENINGEN Een gezamenlijk verzoek tot echtscheiding is een snelle procedure die maar 4 tot 6 weken hoeft te duren. Maar als de scheiding op eenzijdig verzoek wordt opgestart en er dus sprake is van strijd, zal de procedure vaak veel langer duren. Toch zijn er soms zaken die geregeld moeten worden en waarvoor een snellere uitspraak van de Rechtbank nodig is. Uw advocaat kan dan een voorlopige beslissing vragen aan de Rechtbank. Er kan een voorlopige beslissing worden gevraagd over bijvoorbeeld de alimentatie, de zorg van de kinderen of de toewijzing van het woonrecht van een huis. De beslissing die wordt gevraagd aan de Rechtbank noemt men een "Voorlopige Voorziening" en deze beslissing geldt in ieder geval voor de duur van de procedure. Tegen deze beslissing kan geen beroep worden ingesteld, maar er kan wel tussendoor wijziging worden gevraagd.
4.1. HET GEREGISTREERD PARTNERSCHAP Sinds 2001 hebben alle partners (zowel heteroseksuelen en homoseksuelen/lesbiennes) de optie om in plaats van te trouwen, te kiezen voor het geregistreerd partnerschap. Het registreren van het geregistreerd partnerschap gebeurt bij de ambtenaar van de burgerlijke stand. Het geregistreerd partnerschap is in veel gevallen gelijkgesteld met het huwelijk. Zo is er ook automatisch sprake van een gemeenschap van goederen (partnergemeenschap), tenzij men dit heeft uitgesloten in geregistreerde partnerschapsvoorwaarden. Ook de Wet Verevening Pensioenrechten is bij scheiding van toepassing.
Het geregistreerd partnerschap komt tot een einde door inschrijving van een verklaring omtrent beëindiging in de registers van de burgerlijke stand. Er zal dan een verklaring van een advocaat of een notaris moeten worden overlegd waaruit blijkt dat er een schriftelijke overeenkomst omtrent de beëindiging en de gevolgen daarvan is opgemaakt. In de overeenkomst kunnen afspraken worden gemaakt over de alimentatie, de woning, de verdeling van het pensioen et cetera. Die overeenkomst mag niet ouder zijn dan drie maanden.
Ook is de beëindiging mogelijk door inschrijving van een rechterlijke uitspraak op verzoek van beide partijen of een van hen in de registers van de burgerlijke stand. Die rechterlijke uitspraak kan niet worden verkregen door de indiening van een gezamenlijk verzoek aangezien dit in de wet is uitgesloten. Een uitspraak van Rechtbank kan alleen worden gekregen door het indienen van een eenzijdig verzoek. Wel kan de ander eventueel een "akte tot referte" tekenen bij een andere advocaat (eventueel op hetzelfde kantoor) waardoor de procedure bij de rechtbank wel voor mensen samen kan worden geregeld. In de akte tot referte wordt dan verklaard dat men zich niet tegen het verzoek verzet. De procedure bij de rechtbank geeft meer zekerheid omtrent de gemaakte afspraken aangezien deze kunnen worden afgedwongen. Bij een overeenkomst en beëindiging die niet via de Rechtbank is gelopen, is dat niet het geval.
4.2. GEZAG, INFORMATIE EN CONSULTATIE Uitgangspunt is dat bij een echtscheiding met kinderen het ouderlijke gezag blijft doorlopen na de scheiding. Als het gezag moet worden gewijzigd en op naam van een van de ouders moet komen, dan moet dat via een verzoek aan de Rechtbank. De Rechtbank stelt bij de beoordeling van dat verzoek het belang van het kind voorop. Er moet een zeer goede reden aan de Rechtbank worden opgegeven waarom het gezag alleen op naam van de vader of alleen op naam van de moeder moet komen. Een goede reden kan zijn een verhuizing naar het buitenland of bijvoorbeeld en ernstige medische reden (waaronder verslaving).
Er bestaat altijd een informatieplicht en consultatieplicht over de zaken betreffende de kinderen die belangrijk zijn, ook als het gezag slechts bij een van beide ouders komt te liggen. Denk aan de keuze voor een school of operatie. |
|
|
|